Worstelen en boven komen

Als ik zo’n aanval van verdriet krijg, dan ga ik weer terug in het verleden. Dan maak ik al die mooie momenten weer mee die ik heb beleefd met Coby. Ik maak ook die laatste rot dagen weer mee, minuut voor minuut draait de klok door naar maandag 18 april 2016, 4 uur ‘s middags. Ik hoor haar laatste opmerkingen weer: “Zorg je wel goed voor de mussen?” en “Zie het maar zo, ik ga vast vooruit om een mooi plekje voor ons te zoeken aan het strand.”

Daarna denk ik onherroepelijk aan al die mooie momenten, die we hadden kunnen meemaken, als mijn hele verleden niet als een dolle kudde koeien op hol was geslagen. Mijn ex en vooral haar hersendode adviescollege, die me samen 8 jaar lang hebben opgejaagd en belasterd. En met wat voor resultaat? Niets dan wonden, slachtoffers, onherstelbare breuken, geestelijk, maar vooral maatschappelijk. De hele familie- en vriendenkring werd besmet met een soort hersenkoorts. Zelfs mijn dochters moesten er per se in worden meegesleurd.

Daarna word ik verschrikkelijk boos, ook nu weer. Die boosheid heeft gelukkig ook goede kanten. Het verdriet trekt me onder water, maar de boosheid drijft me weer naar het oppervlak. Want ik wil presteren; ik wil mijn frustraties kwijt.

En als ik aan frustraties denk, dan komt als eerste dit stuk weer naar boven. Dan herlees ik dat weer, en denk ik: “Goed gedaan, Loek.”

Ik ben hier intussen al weken lang mee bezig geweest. Tientallen uren, zonder dat ik een resultaat verwacht, behalve dan geraas, getier, opgewonden gezichten en misschien een paar deuken in een bureau. Nostalgie.
Eerlijk gezegd zou ik zelfs geen resultaat kunnen bedenken, waarmee ik blij zou zijn.

Maar het lucht lekker op.

Therapeutisch bloggen, meer is het niet. Voor een beperkt publiek. Omdat ik het publiek beperkt wil houden, gebruik ik zo weinig mogelijk namen.

De meeste bezoekers van dit blog ken ik. Het overgrote deel is me dierbaar, maar er zijn een paar notoire ramptoeristen bij, bezoekers uit een vorig leven. Een paar regelmatige bezoekers zijn me onbekend. Of mijn dochters, Marjolein en Laura, mij nog volgen, dát weet ik nou net niet. Of ze dit ooit zullen lezen, weet ik dus ook niet. Maar… als ik het niet schrijf, dan weet ik zeker dat ze het nooit te lezen krijgen. Niet geschoten, is altijd mis. Ik ben het kwijt, dat is het belangrijkst.

Het is een oud verhaal, maar weer iets completer en duidelijker dan voorheen. Dat heb ik nodig; anderen moeten praten over hun ergernissen. Coby had dat ook nodig. Als haar iets dwars zat, dan moest ze erover praten, totdat ze er zelf misselijk van werd. Dan was het goed. Ik moet erover schrijven. Pas als ik denk: “nu is het goed, ik ben niets vergeten”, dan word ik weer rustig. Helemaal loslaten, dat zal nooit lukken. Daar is het allemaal veel te schofterig voor verlopen.

Ik heb het verhaal intussen al weer een paar keer aangevuld en opgepoetst, dus denk niet meteen: “O, dat heb ik al gelezen.”
Het is een soort groeibriljant, maar dan een grauwe, zonder glans. Hoe veel hij nog verder groeit? Ik weet het niet; de tijd zal het leren.

Na de tweede herlezing van dit stuk, schoot mij te binnen dat ik ooit een “Open Brief aan mijn ex” heb geplaatst, waarin ik haar nadrukkelijk waarschuwde voor de gevolgen van de ramkoers die ze had gekozen. Dat stuk was één van mijn laatste pogingen om haar van haar weer bij zinnen te krijgen, en weer als mensen om de tafel plaats te nemen. In die zelfde post bood ik haar, en niet voor het eerst, € 500,- bruto per maand, om van het geklier af te zijn. Daar heb ik zelfs nooit een reactie op gekregen. (Hier heeft mijn geheugen me even in de steek gelaten. Vandaag, 14 oktober, schoot me te binnen dat ik die aanbieding ook via mijn advocaat heb overgebracht. Via haar advocaat liet mijn ex als reactie weten dat ze accoord wilde gaan met een schikking van € 1.000,- netto per maand).
Ongetwijfeld zal iemand van het adviescollege hebben uitgekraaid: “Nou, as ie fijfhondert euro biet, dan weet je sekur dat je fan de rechtur meer krijgt. Hij probeert je er weer in te luisu.” Of woorden van gelijke strekking.
Die poging mislukte dus, maar alles wat ik in dat stuk voorspelde, is later uitgekomen. Ze kreeg niet de door haar geëiste € 3.500,- alimentatie per maand, en ook geen honderdduizenden euro’s uit de boedel waarop ze recht meende te hebben, ook geen cadeautje van € 500,- per maand, maar hield er wèl een schuld aan over van bijna € 3.000,-. Eigen schuld, dikke bult.

Dat zal ongetwijfeld weer de nodige woede hebben veroorzaakt in het vijandelijke kamp. Ik neem niet aan dat iemand later zal hebben gezegd: “Stunt, hij had gelijk.”

Dit stuk is absoluut niet zó bedoeld. Dit is zeker geen uitnodiging om de dialoog weer te openen. De discussie is gesloten. Die is te vaak stuk gelopen op ontwijkende antwoorden en dooddoeners, maar dat neemt niet weg dat ik nog steeds stoom moet afblazen. Daar heb ik recht op; ik ben acht jaar opgejaagd met idiote verhalen, lasterpraatjes en malle rechtszaken, en nu ben ik aan de beurt.

De ontwijkende antwoorden en dooddoeners die ik consequent als reactie ontving hebben me, net als vroeger, duidelijk gemaakt dat ik ook deze keer gelijk heb.
Wie denkt gelijk te hebben, wil juist praten. Wie ongelijk heeft, gaat kronkelen, draaien, ontwijkende antwoorden geven, de aandacht verleggen, het onderwerp veranderen, om de eer te redden. Precies wat de hele tegenpartij vanaf 2002 heeft gedaan, en wat de laatste tijd weer is gebeurd.

Tussen gelijk hebben en gelijk krijgen staat een muur die voor de leden van mijn verleden te hoog is om overheen te klimmen. 

Liever bestormen ze die muur, massaal in groepsverband, heel dapper met zijn allen tegelijk. Helaas hebben al die bestormingen ze alleen maar wonden en hoofdpijn opgeleverd.

Dat idee geeft voldoening. Het is alleen jammer dat ik er zelf, psychisch èn fysiek, ook niet schadevrij vanaf ben gekomen.

Aan mijn dochters

Jullie hebben mij in 2006 laten vallen als een baksteen, zonder enige vorm van discussie. De redenen daarvoor waren wild-west verhalen die door jullie moeder en haar adviescollege over mij werden uitgebraakt. Daar hadden jullie genoeg aan om me te veroordelen en te verbannen.

Voor de andere kant van het verhaal hadden jullie niet de minste belangstelling. Die malle verhalen tegenspreken mocht ik niet, “Mama denkt daar anders over” telde als bewijslast heel wat zwaarder dan feiten. En ik mocht ook absoluut geen kwaad woord zeggen over dat stel liegende en bedriegende adviseurs, want “Hé, hé, je hebt het wel over mijn familie”. Daarmee is de pikorde in ieder geval duidelijk bepaald. Tegen èchte familie kun je als vader natuurlijk niet op.
Ik werd ook nog verwijtend door Mijn dochter Laura om de oren geslagen met: “Je weet niet eens waar we wonen!” Alsof ik daarvoor had gekozen.

Dat alles, wat die moeder en haar adviescollege hebben uitgekraamd, in de jaren daarna naar de roddelrubriek werd verbannen, door een paar accountants, een fiscalist, rechters, 1 notaris en een paar advocaten tegen een zacht prijsje van € 250,- per uur, is nog steeds niet interessant. Integendeel, “we verschillen van mening”, en “daar wil ik niet over praten, daar sta ik buiten”, zijn nu de pilaren waarmee het pseudo-gelijk overeind wordt houden.

Ook al weet iedereen intussen dat GTST in de Polder een door het adviescollege geschreven soap serie was, voor jullie zal het altijd een documentaire blijven.

Wat in jullie ogen helemaal geen probleem is, is dat dat hele stel 8 jaar lang guitig heeft gegoocheld met feiten, data, sprookjes, inkomensgegevens, en gemaakte afspraken; en dan laat ik de boekhoudkundige capriolen nog buiten beschouwing.
Dat jullie moeder 6 jaren lang consequent haar neus optrok voor iedere aanbieding die ik haar deed, èn voor iedere berekening door de mediator en haar eigen broer, is uiteraard mijn schuld en ligt natuurlijk niet aan haar inhaligheid.
Dat ze een half jaar nadat ze accoord was gegaan met een alimentatie van € 1.125,- per maand, opeens op aanraden van haar adviescollege besloot om het zo moeizaam tot stand gekomen convenant niet te tekenen, was natuurlijk ook logisch. Wat het college zegt is waar, ook al worden die adviezen later onder hoongelach door de deskundigen van tafel geveegd.
Als ze had getekend, dan had ze een méér dan modaal inkomen gehad. Voor een vrouw alleen, met minimale onkosten een feest En dat sloeg ze af! In plaats daarvan besloot ze te gaan voor de hoofdprijs van honderdduizenden euro’s. Ze maakte er een spelletje Russisch roulette van, dat ze uiteindelijk smadelijk verloor. Mijn schuld, natuurlijk.
Dat ik, dankzij die voorstellingen, anderhalf jaar lang mijn tijd heb moeten verdelen tussen rechtszaken en bezoeken aan het Antoni van Leeuwenhoek voor operaties, chemokuren en bestralingen voor mijn lief; ach, is dat nou zo’n probleem?
En ook dat die moeder in die periode, tussen de chemokuren door, heel gevoelig tijdens een rechtszitting voorstelde dat Coby best zou kunnen werken om mijn draagkracht een beetje op te vijzelen, daar mag ik natuurlijk ook geen kwaad woord van zeggen. Of denkt mama daar misschien ook anders over?
Dat ze tijdens de zelfde zitting in 2009 via haar advocaat een berekening presenteerde waaruit “bleek” dat ik € 6.500,- netto per maand verdiende, dat was natuurlijk mijn verdiende loon neem ik aan.
En dat ze keihard beweerde dat die € 1.500,- die ik haar jarenlang vrijwillig netto per maand had betaald, geen vorm van alimentatie was, maar dat ze daarvoor “werkzaamheden had verricht voor de B.V. van meneer”, dat mag ik haar uiteraard ook niet kwalijk nemen. Tenslotte heeft ze inderdaad weleens voor me gewerkt; in 1985, om precies te zijn.
Vanzelfsprekend eiste ze wèl de helft van de bezittingen, maar de schulden, die waren natuurlijk voor mij. Zelfs over wat zij onder die “bezittingen” verstond, werd oeverloos gediscussieerd. Er waren uiteraard balansen, waarin de waarde van mijn bezittingen haarfijn werden omschreven. Onder de lijn stond het bedrag van de waarde min de schulden. Dat bedrag werd genegeerd. In plaats daarvan werd een bedrag gepresenteerd van één transactie, die ik VIJF JAAR na de breuk sloot. Dàt bedrag was het! Daar eiste zij, op aanraden van de zelfbenoemde experts, de helft van, plus wat extra natuurlijk, voor de moeite. Alle andere bedragen, schulden korte termijn, schulden lange termijn, balanspositie ten tijde van de scheiding; dat was allemaal te lastig, daar had mevrouw niets mee te maken.

Dat ze, na de nederlaag in de rechtbank, alsnog probeerde om de hoofdprijs binnen te slepen door me te verrassen met een convenant met een valse booby-trap erin die me plm 70.000 niet bestaande euro’s had kunnen kosten, dat was waarschijnlijk alleen maar slim in de ogen van de fanclub. Alles voor de overwinning. Zet hem op, grijp hem!
In begrijpelijk Nederlands vertaald luidde die booby trap: “indien en voor zover de man ooit plannen heeft gehad om een spaarrekening te openen, dan verplicht hij zich om de aan de vrouw toe te rekenen helft van het beoogde spaarbedrag over te maken naar een door de vrouw aan te wijzen bankrekening of instelling.”
Mevrouw verlangde dus niet de helft van het werkelijk gespaarde bedrag, maar de helft van het bedrag dat ik had willen sparen. Briljant, nou ja, briljant? Onnozel was een betere omschrijving, want door dat convenant maakte ze het zichzelf onmogelijk om later weer een alimentatieberekening te laten maken.
Kortom, mijn ex en haar college (vooral dat college, want die hebben heel wat meer onfrisse streken uitgehaald) mochten doen en laten wat er in hen opkwam.
Dat er bijvoorbeeld waardebepalingen van de zaak werden geleverd variërend van € 12.000,- tot € 400.000,-, afhankelijk van de behoefte; dat is begrijpelijk, toch? Dat was voor het goede doel.
Dat er voor het zelfde goede doel werd getoverd met de datum van overdracht, ook dat was helemaal verantwoord.
En dat mammie dankzij een stroom van niet al te snuggere adviezen een vermogen aan alimentatie heeft misgelopen, zelfs dat schijnt jullie helemaal niets te zeggen. Dat verbaast me nog het meeste.

Als je een “goeie” bent, dan mag je blijkbaar alles, letterlijk alles. Wat je ook doet, je krijgt er een daverend applaus voor.
Maar als je eenmaal het stempel slechterik hebt ontvangen, terecht of onterecht, dan kun je doen en laten wat je wilt, maar alles valt automatisch onder de rot streken.

Ik als officiëel erkende slechterik, heb dus heel wat op mijn kerfstok. Dat ik me jaren lang scheel heb betaald uit schuldgevoel, daar wordt niet over gepraat, maar dat ik zomaar ben gestopt met betalen, omdat de onderhandelingen na tweeëneenhalf jaar opeens weer muurvast zaten, en ik niet eindeloos zonder overeenkomst wilde blijven betalen; dàt was uiteraard een grof schandaal.
“Wat een schoft zeg, laat dat arme vrouwtje zomaar barsten. Heeft ze dat verdiend na al die jaren? Eerst gaat hij er vandoor met een ander, en dan krijgt ze ook nog eens geen geld van hem. Moet je zien hoe hij zelf leeft met die …!” Ik hoor het ze bijna zeggen.
Dát het is gezegd, is zeker. Het staat zelfs zwart op wit in de door haar bij de rechtbank ingeleverde “bewijsstukken”: “mijnheer leeft in weelde, terwijl mevrouw moeite heeft om de eindjes aan elkaar te knopen.”

En wat natuurlijk ook absoluut niet door de beugel kan, waar absoluut over gepraat móet worden, is dat ik in het laatste jaar van die soapserie al dat gemanipuleer zó verschrikkelijk zat was, dat ik dat via mijn weblog aan de kaak ben gaan stellen.
En dan ook nog eens met als belangrijkste doel om mijn ex weer met beide benen, en haar volle verstand, op de grond te krijgen.
Wat jullie natuurlijk het meest dwars zit, is dat ik ook de fanclub, waar jullie ook lid van waren, over de knie heb genomen. Maar dat verdienden jullie nu eenmaal. Jullie verdienen het nog steeds, vandaar dat ik het nu weer doe.

Ik had het verleden verwerkt; ik had er al grotendeels afstand van genomen. Ik schreef er ook nauwelijks nog iets over; ook natuurlijk omdat ik andere dingen aan mijn hoofd had.

Jullie condoléances waren goed bedoeld; dat snap ik en waardeer ik. Maar omdat jullie houding nog steeds, ondanks alles, ongewijzigd is, hadden die condoléances een averechts effect. Jullie hebben oude littekens open gereten. De littekens zijn weer gapende wonden, die gruwelijk pijn doen. Niet (meer) omdat ik jullie mis, maar vanwege de smerige manier waarop jullie met mij omgaan.

Maanden lang (nog steeds) ben ik in mijn hoofd dubbel uit balans. Mijn core business is rouwen om Coby, de liefste vrouw die ik ooit heb meegemaakt, maar dat proces wordt voortdurend verstoord door ruis uit het verleden dat nog steeds alleen maar op huichelarij is gebaseerd.

Wat er ook gebeurt; doe zoiets nooit meer. Laat me met rust, tenzij jullie de moed en het fatsoen kunnen opbrengen om te zeggen: “Sorry Pap, dat we je in de steek hebben gelaten.”

Gewoon als aardigheidje: in maart (kan ook april zijn geweest) 2010 lieten jullie via Aoife weten dat jullie na de laatste uitspraak van de rechter weer contact met me zouden opnemen. Die uitspraak kwam op 6 juni, maar van jullie heb ik nooit iets gehoord.
Ik hoef het antwoord niet te weten. Maar het is wellicht leuk als jullie voor jezelf eens proberen om een k.tsmoes te bedenken waarom die belofte nooit is nagekomen.
Zeker voor mijn oudste dochter is dat een uitdaging. Ze “stond er buiten, had niets met de scheiding te maken”, maar beloofde toch na de uitspraak weer contact op te nemen. Wat ze vervolgens niet deed, toen de exorbitante eisen van haar moeder werden afgewezen.
Probeer dat maar eens recht te praten.

Nog iets meer voor mijn oudste dochter, Marjolein:

In je laatste emails schreef je procedures tussen aanhalingstekens, “procedures”. Daar ben ik het roerend mee eens, zoals ik ook altijd in mijn weblog heb duidelijk gemaakt. Ze waren de naam procedures niet waard; het waren afleveringen van GTST in de Polder, en ongelooflijk slecht geschreven afleveringen. Dat een intelligente vrouw als jullie moeder ooit heeft kunnen denken dat ze een kans had om te winnen, zegt alleen maar iets over de gladde praatjes van de producer.

Ik zal eens een gokje wagen over wat die producer ondere zal hebben uitgekraamd: “Natuurlijk is de zaak dat waard; anders zouden we/ze dat toch niet betalen? Dus heb jij recht op de helft.”
Terwijl in alle emails en gesprekken met mij nadrukkelijk werd gesteld dat de tent niet meer waard was dan ongeveer tienduizend euro. In die zelfde correspondentie werd ook duidelijk gesteld dat ik maandelijks een vergoeding zou krijgen voor het gederfde directeurssalaris, tot ik 65 zou worden. Dubbele tong? Sommige lieden krijgen het voor elkaar om met 12 tongen te spreken, en zijn dan zelfs nog in staat om zichzelf te geloven. Maar goed, de tegenpartij hoeft alleen maar te zeggen dat zij daar anders over denken, en het geweten is weer schoon.

Op één of andere miraculeuze manier is het de producer gelukt om haar wijs te maken dat ze recht had op tonnen. Als je denkt bij een rechter tonnen te kunnen vangen, dan ben je (lijkt mij) bezig met een serieuze procedure, zonder aanhalingstekens. Helaas waren jij en je zuster het daarmee eens; anders hadden jullie niet de kant van dat stel kansloze zotten gekozen.

En: in die zelfde emails schreef je dat je al 10 jaar rouwt om de verbroken band met mij.

Rouwen doe je om iets afschuwelijks dat je is overkomen. Ik rouw; jij niet, jij hebt alleen maar een stomme keuze gemaakt.

Als je nu begint te stampvoeten, omdat ik had beloofd daar niet over te schrijven: ik heb o.a. geantwoord dat ik schrijf als er over me wordt gelogen. Wat voor reactie kreeg ik daarop? Laat ik het beleefd een zelfverzonnen waarheid noemen.

Mocht je nog steeds vinden dat ik je onredelijk heb behandeld: dan weet je ook eens hoe dat voelt. Ik heb daar al 10 jaar en 6 maanden ervaring mee.

Er schoot mij vandaag, 2 oktober, iets te binnen. In 2003, toen Coby en ik een paar maanden samen woonden, heb je ook het contact met mij verbroken. De reden daarvoor weet ik niet meer, maar toen wij elkaar na 6 maanden weer spraken, zei je: “Ik had het contact verbroken, maar het was wèl de bedoeling dat je je best voor me zou doen.”

Waarom had ik mijn best voor jou moeten doen? Had je dat verdiend, vind je? Ik heb altijd  mijn best gedaan, zonder er ooit iets voor terug te krijgen. Nooit heb jij iets voor mij gedaan. Toen je de kans kreeg, toen jij aan de beurt was om iets voor mij te doen, toen je moeder op hol sloeg, liet je me keihard vallen.

En nu, ruim 10 jaar later, in plaats van je kapot te schamen, probeer je mij ter verantwoording te roepen omdat ik op mijn blog “stoute” dingen heb geschreven.

Als je ooit weer behoefte voelt aan een vader, dan zul je een iets realistischer invalshoek moeten bedenken. En als je dat niet kunt opbrengen, dan rouwen we allebei gewoon verder.