Weer even bijkletsen

Ik ben nog even in de statistieken gedoken. Het klopt dat alle vaste bezoekers na die twee posts hebben afgehaakt, op één na, en dat is mijn trouwe lezer uit die fameuze lawaaiige loods. Die is er al maanden geleden mee gestopt. Oorzaak onbekend, en ik zal er ook geen diepgaand onderzoek aan wijden. Hoewel ik natuurlijk wel enige nieuwsgierigheid voel. Is hij geen fan meer? Is het laatste bastion ook gevallen? Is de afhaalchinees voor drukwerk de weg van alle drukwerkchinezen gegaan? Maar die nieuwsgierigheid is niet zo groot dat ik er tijd in zal steken. Die tijd kan ik wel beter gebruiken.

Stop de Pers! Terwijl ik deze post aan het schrijven ben, zie ik een Lelystads IP adres in mijn statistieken opduiken. Het is jammer dat het pas kwart voor elf is, anders had ik er een borrel op genomen.

Ik heb een uitnodiging ontvangen, die mij oprecht heeft ontroerd; op twee verschillende manieren zelfs. Als een invalide vrouw ten huwelijk wordt gevraagd, dan weet je zeker dat er veel liefde in het spel is en een man met een groot hart, en dat gun ik haar van harte. Tot nu heeft ze niet veel geluk gehad in haar leven, maar daar lijkt nu verandering in te komen. Dat verdient ze.
De tweede reden van mijn ontroering is, dat mijn aanwezigheid er bij op prijs wordt gesteld. Dat ga ik niet verder uitleggen.

Gelukkig hoef ik niet aanwezig te zijn bij mijn eigen huwelijk. Dat is geannuleerd. Dat heeft me wat moeite gekost, maar het is gelukt.
Het was een kortstondige, maar heftige LAT relatie. Hoewel, die T kan eigenlijk weg. Het begon op zondag 2 juni met een Facebook vriendschapsverzoek van een in Spanje wonende Nederlandse vrouw. Dat gebeurt regelmatig, ik ben nu eenmaal digitaal actief (hoewel, ik wàs actief) in Spanje.
Binnen enkele minuten had ik al een uitnodiging te pakken om te komen logeren, en binnen enkele dagen, zonder er al te veel gesprekken aan te besteden, stond (in haar optiek) al vast dat wij voor elkaar bestemd waren. “Je moet genieten van het beetje dat we nu nog hebben en openstaan voor De Liefde”. Praktische bezwaren, zoals “we kennen elkaar nog helemaal niet”, werden aan de kant geschoven met “Je moet niet zo negatief doen! Ben je altijd zo negatief?”
In blinde paniek heb ik me zaterdag weten te redden door een opsomming te geven van alle vrouwen met wie ik (vriendschappelijk) om ga. Dat maakte blijkbaar genoeg jaloezie los voor: “Kom jij maar niet naar Spanje. Blijf jij maar lekker in Nederland.” 

ik ga tegenwoordig om met veel meer vrouwen dan mannen. Veel mannen, de meeste mannen zelfs, zijn haantjes en zien andere mannen als concurrenten. Gesprekken lopen daardoor meestal uit op ‘baas boven baas’ en ‘ik weet het beter’. 
Vrijdag maakte ik daar weer een gave demonstratie van mee. 

In gezelschap van twee vriendinnen en twee vrienden viel het opeens op: “Hé Loek, ben jij zo afgevallen?” Dat ben ik inderdaad, 7 kilo in 7 weken. “Dat zou ik ook wel willen! Hoe doe je dat?” “Gewoon, door je verstand te gebruiken. Als je minder calorieën inneemt dan je verbruikt, dan val je af. Als je méér calorieën inneemt dan je verbruikt, dan kom je aan. Dus wees voorzichtig met producten waar veel calorieën in zitten. Eet veel groente, weinig vlees, geen bewerkt vlees, geen kaas, weinig fruit, weinig aardappelen, pasta en rijst, veel erwten, bonen…”
Verder kwam ik niet, want bij de ‘bonen’ werd ik onderbroken door hysterisch gegiechel, dat me sterk deed denken aan Gordon. Daarna kwam het commentaar, ook weer regelmatig onderbroken door Gordon-achtige geluiden: “Dat dacht ik al. Bonen, nou daar begin ik niet aan. Zo werkt het niet hoor. Ik heb het zelfs een keer met rauwkost geprobeerd. Dat houd je geen twee dagen vol, en er was geen grammetje vanaf. Het venijn zit in koekjes. Als je daarmee stopt, dan val je af.” Gevolgd door nog meer van dat soort opmerkingen, en niet tegen mij, maar op een zo venijnig mogelijke manier over mijn hoofd heen tegen een van de aanwezige vriendinnen. 
Er zijn dus blijkbaar maar 2 eetgewoontes mogelijk. Je vreet als een varken of je knabbelt als een konijn. Dat knabbelen is niet vol te houden dus moet je het ergens anders in zoeken. Het enige dat dan overblijft is koek, logisch eigenlijk.

Om de sfeer definitief te verpesten werd me bij het afscheid nog even hatelijk lachend toegevoegd: “Je broek zakt af. Dat krijg je nou als je op diëet gaat.”

Als het een vakman was geweest of een ervaringsdeskundige, dan hadden we misschien nog iets gehad aan zijn ‘tips’, maar dat is niet aan de orde. Terwijl ik, door iedere week een kilo af te vallen, bewijs dat mijn methode effectief is, worstelt hij zelf al jaren met zijn gewicht, zodat hij inmiddels naar schatting 30 kilo te zwaar is. Maar toch weet hij hoe je moet afvallen en begrijp ik er niets van. Dàt is nou een uitstekend voorbeeld van mannelijk gedrag.

Wat me dan nog het meest dwars zit is, dat ik na die hatelijke afscheidswoorden nog steeds geen kans zie op met gelijke munt terug te betalen met bijvoorbeeld: “Ik heb liever dat mijn broek afzakt, dan dat er 20 kilo buikspek overheen blubbert.”

En daarom ga het ik het liefst om met vrouwen. Ik zou morgen met hem op museumbezoek gaan, maar dat heb ik geanuleerd.