Zondag 7 maart 2021

Ik heb weer een sticker verdiend

Op 1 maart schreef ik in mijn stukkie ‘Op goed nieuws zit niemand te wachten’ dat de overheid op het verkeerde been wordt gezet door een handje vol krijsende Nederlanders. Want omdat de tevreden meerderheid geen reden heeft om iets van zich te  laten horen, ontstaat onterecht de indruk dat de meerderheid van het volk meer vrijheden zou willen.
De enigen die hun stem laten horen zijn dus de schreeuwende mafkezen, die daardoor onterecht de indruk wekken dat ze het ganse volk vertegenwoordigen.
Daarom zijn onder ‘druk van de maatschappij’ al twee keer de regels versoepeld waarop twee keer een verhoging van het aantal besmettingen volgde.
Twee keer waren we er bijna en twee keer is dat verkloot door een paar schreeuwende idioten (waar ken ik dat ook alweer van?).

Ik ken zelf een paar mafklappers (goddank niet meer persoonlijk) die ongetwijfeld uitzinnig hebben staan juichen toen ‘die belaggelukke reguls eindeluk werdu afguschaft’, maar intussen is mijn gelijk weer bevestigd.
De gemiddelde, genuanceerd denkende Nederlander wil helemaal niet dat de teugels worden gevierd, wil helemaal niet dat wij onze vrijheid terug krijgen, wil helemaal niet het recht om elkaar ongelimiteerd te mogen besmetten, zoals dat stel schreeuwende proleten beweert.

Want wat is het geval? De reisbranche verwacht dat we vanaf juni of juli weer op vakantie mogen gaan.
Die reisbranche gaat (gelukkig) zorgvuldiger om met de grote-mensen-wensen dan Den Haag (helaas) en heeft daarom onderzoek gedaan naar wat de reislustige Nederlanders verwachten van die vakanties.

‘We’ willen actieve vakanties, want we hebben te lang niets mogen doen. Maar wat vooral is gebleken: ‘Volgens onderzoek van de European Travel Commission (ETC), die EU-toeristenorganisaties vertegenwoordigt, wil twee derde van de vakantiegangers strikte coronaprotocollen met voldoende toezicht.’

Hoe media je nachtrust om zeep helpen

Als ik De Telegraaf lees, of naar het journaal kijk of naar één van de vele zwamprogramma’s waarmee we voortdurend worden geteisterd, dan krijg ik de indruk dat heel Nederland razend is en dat De Revolutie ieder moment kan beginnen.
Als ik het AD lees of één van de paar honderd andere kranten die redactioneel onder het AD hangen, dan denk ik dat het nog wel meevalt en dat De Revolutie nog wel een paar maandjes op zich laat wachten.
Als ik De Volkskrant lees, dan ga ik zingend naar bed en slaap ik (teminste, met behulp van een pilletje en een paar glaasjes) als een ijsbeer in de winter.

Ik heb een abonnement genomen.