Het Denkproces

Hoe makkelijk kan je de fout in gaan? Ik ben aan een hele serie posts met een gemeenschappelijk thema begonnen, tot ik ontdekte dat mijn invalshoek verkeerd was.
Mijn uitgangspunt deugde niet, en dat is grotendeels te wijten aan de media; de reguliere media, kranten en TV dus, maar vooral de asociale media op het internet.
Sociaal zijn ze allang niet meer; integendeel, Facebook en Twitter halen het slechtste in de mens boven. Op de asociale media kan iedereen columnist, wetenschapper, voetbalanalist, politocoloog en arts spelen. Of nep advertenties plaatsen over beroemdheden die hun glanzende carrières hebben omgeruild voor een verbluffend makkelijke manier om geld te verdienen met Bitcoins.
En van die mogelijkheid wordt dankbaar gebruik gemaakt. Zodat waarheid en leugen steeds moeilijker van elkaar te onderscheiden zijn. En omdat we een voorkeur hebben voor sensatie en voor trappen tegen de ‘gevestigde orde’ wint de leugen steeds vaker. De wereld wordt er daardoor niet mooier op.

Als iemand bijvoorbeeld zo brutaal is om enthousiast te schrijven dat we leven in een topland, dan wordt hij direct door honderden zelfbenoemde experts gelyncht. Als je een tijdje niets anders dan dat soort berichten tegenkomt, dan ben je geneigd om te geloven dat ons topland wordt bewoond door imbecielen. Een gevoel dat uiteraard wordt versterkt omdat ik er dan niet aan ontkom om aan mijn verleden terug te denken. Maar daar was het waar; in de rest van Nederland niet.
Een verse aanvulling op het oude verhaal: de hele derde generatie ‘grafici’ heeft een vliegende start cadeau gekregen, maar niemand heeft de finish gehaald. Allemaal zijn ze al na een paar honderd meter keihard op hun bek gegaan, zonder er ook maar iets van te leren. Hun kapsones heeft er geen moment onder geleden.

Mijn foute denkproces, samen met die herinneringen en met mijn huidige ongemakken, stortte me in een ongekend diepe depressie.

Ik werd door mezelf wakker geschud toen ik even uit het raam keek, naar de huizen om me heen en naar al die mensen op straat, bekende en onbekende door elkaar. “Zijn die mensen nu echt allemaal zo krankzinnig, zo ontevreden en zo ongelukkig als de media ons willen laten geloven?” Vroeg ik mij af. “Natuurlijk zijn ze dat niet.”
De werkelijkheid is dat 90% Van de Nederlanders, misschien zelfs méér, lief is, zorgzaam, tevreden, gelukkig. En daar hebben we in een land als Nederland ook redenen genoeg voor. Nederland is een topland, één van de beste landen ter wereld om in te leven.

Nederland is een fantastisch land, met veel fantastische inwoners. Maar die mensen hoor je niet. De tevreden meerderheid zwijgt altijd, helemaal conform het gezegde. Niemand die tevreden is, gaat de straat op om te brullen: “O, wat ben ik toch gelukkig met ons!”
Alleen de ruziezoekers, de relschoppers, de hooligans hoor je, en die maken zoveel herrie en zijn zo trots op hun zelfgebreide waarheidje dat je ze tot in alle uithoeken van het land kunt horen. Eraan ontsnappen is onmogelijk.
De media versterken dat effect, want media hebben geen belangstelling voor neutrale berichtgeving. Media zijn gefixeerd op hoge kijkcijfers, en die haal je niet met positieve berichten.
Goed nieuws is geen nieuws. Als er al eens een positieve ontwikkeling is, waar ze niet omheen kunnen, dan nòg wordt de focus gericht op de rafelrandjes, en de problemen die aan die positieve ontwikkeling kleven.
Dat was deze week weer goed te merken bij de herstart van de economie. Dat we weer iets mogen, dat stelde niets voor, vergeleken met de problemen die daarbij spelen. “Ja maar je werkt toch nog steeds niet rendabel, denk ik?” Nee, natuurlijk is de economie niet direct rendabel, maar de verliezen nemen af, en de gelegenheid is er om weer op te bouwen.
En waarom wentelen we altijd de schuld af op de regering, en waarom eisen we altijd dat de regering alle verliezen 100% compenseert? Den Haag heeft corona niet geïmporteerd, dat hebben wij, de reisgeile vakantiegangers gedaan. Omdat we ons album vol willen krijgen.
Of had Den Haag corona moeten negeren?
“Werk maar lekker door hoor. Verdien maar fijn veel geld, dan zien we naderhand wel hoeveel doden dat geld verdienen van jullie heeft gekost.
Een bloeiende economie mag best een paar honderdduizend doden kosten hoor.”

Want dat zouden de sterftecijfers zijn geweest zonder anderhalve-meter-maatschappij. Ook al blaten Jord Kelter, Robbie Jansen, Maurits de Hont en Miep van Patatpaleis De Lachende Pieper nu nog zo hard dat het allemaal onzin is.
Waarom blaten ze die in een paar minuten zelfgebreide waarheidjes eigenlijk? Miep natuurlijk voor haar persoonlijke Fifteen Minutes of Fame, ook al was het in werkelijkheid minder dan een minuut. Ze heeft in ieder geval de teevee gehaald, en kan dat trots aan de hele familie vertellen.

Voor Jord, Robbie en Maurits gaat dat natuurlijk niet op, maar voor snel en makkelijk geld doen die alles. Talkshows hebben een voortdurende honger naar spannende verhalen en betalen daarom grof voor een optreden, en de opbrengsten van YouTube liegen er ook niet om, als je een paar kijkers bij elkaar weet te krijgen met je spannende onthullingen.
Jord zelf heeft al jaren geleden eens vol zelfingenomenheid verkondigd dat hij voor minder dan € 10.000,- per week zijn bed niet uit komt. En dan zal hij nu uit altruïstische motieven opeens ‘het volk’ in bescherming nemen tegen de regering en tegen het RIVM?  Laat me niet lachen. Jord is goed voor ‘Hoe heurt het eigenlijk’, maar voor serieus werk kun je beter iemand anders zoeken.
Gevalletjes “Fuck de Nederlanders, als wij maar grof verdienen.”

Het idiote is dat de gemiddelde Nederlander juist dat verwijt gebruikt tegen Den Haag. “Zakkenvullers zijn het”. Terwijl zelfs de allergrootste boerenl.l drommels goed weet dat geen kamerlid, geen minister, geen premier ook maar een cent ‘prestatieloon’ ontvangt. Laat staan dat ze méér zouden verdienen als de economie terug loopt.
Ook al ben ik het lang niet met alle standpunten eens, iedere Nederlandse politicus wordt gedreven door idealen. Niemand gaat in de politiek voor de poen. Integendeel, geld verdienen doen ze pas als ze uit de politiek gaan. Dat dat maar zelden gebeurt, zegt alles over de integriteit van onze politici. Stuk voor stuk, ook Wilders en Baudet van wie ik de denkbeelden verfoei, verdienen ze respect voor hun gedrevenheid, hun inzet en voor hun betonnen karakters, want dat heb je hard nodig om je in de politiek staande te houden.

Op dit moment zouden we allemaal samen een gat in de lucht moeten springen van vreugde en ook van trots. We zijn er nog niet, maar we hebben het beest getemd, in ruim drie maanden tijd. We mogen weer beginnen met leven. Daar zouden de media de vlag voor moeten uithangen, in plaats van alle wolven aan het huilen te brengen omwille van de kijkcijfers.