Een keukentafelbabbel

Maandag kwam Ch., de ex van de kikker, totaal onverwacht op bezoek. Een aangename verrassing; we hebben samen boodschappen gedaan en heerlijk in de tuin gepicknickt en gepraat, heel veel gepraat. Over haar leven, mijn leven, de toekomst, het belang van goede vrienden, en natuurlijk over het verleden en over jou. We hebben gelachen, maar ook menig traantje gestort (net als nu, terwijl ik erover schrijf). De rode draad in het gesprek was geluk. Wat heb je nodig om gelukkig te kunnen zijn? Als ik in die sfeer terug denk aan onze tijd samen. Terwijl we belegerd werden door een legioen op hol geslagen zotten, zaten wij midden in de rokende puinhopen intens gelukkig te zijn, besefte ik maandag.

Het is maar goed dat ik altijd het gebruik van namen op dit blog heb vermeden, want sinds 25 mei is het plaatsen van privacygevoelige informatie op het internet streng verboden. Waarom namen, en zelfs abonneenummers privacygevoelig zijn, is niet duidelijk, maar dat hoeft ook niet. We hebben maar te gehoorzamen. George Orwell schreef ooit over Big Brother is watching you. ik kan hem postuum gerust stellen. Big Brother is tegenwoordig, net als Vrouwe Justitia, geblinddoekt. Dat heeft de privacypolitie geregeld. En dat is nog maar het begin. Als het aan de privacypolitie ligt, dan mogen binnenkort snelheidscamera’s geen kentekens meer fotograferen, en moeten alle foto’s en personalia van alle criminelen uit de dossiers worden verwijderd omdat anders de privacy van de onderwereld geweld wordt aangedaan. De privacypolitieagenten hebben, denk ik, een heleboel te verbergen, want iedereen die zonder permissie een naam durft te noemen, al is het maar gefluisterd, wordt direct verbannen naar Siberië. Zelfs in verenigingsbladen en kerken mogen geen namen meer worden genoemd tenzij daar schriftelijk in vijfvoud toestemming voor is gegeven. Er wordt momenteel koortsachtig geprobeerd om contact te maken met De Schepper, want ook Zijn naam valt onder de nieuwe, nog betere, privacyregels. In afwachting van Zijn Handtekening is het gebruik van Zijn naam niet toegestaan.

Ik heb gereageerd op een woning; om de hoek zoals ik graag wil. Tot vrijdagmiddag stond ik aan de top van de wachtrij. Om 4 uur zakte ik spontaan naar de tweede plek. We gaan het zien. Ik keek ernaar uit en zag er tegelijk tegenop. Maar dat lijkt me duidelijk.

Weer veel gelezen. Broodje gezond ligt nog steeds op tafel; regelmatig blader ik er door om flarden te lezen. Wat een geweldig boek. Bart Chabot laat Brood aan het woord en voegt alleen iets toe als dat nodig is. Hoe vaker ik erin lees hoe meer ik begin te begrijpen dat Herman Brood overal de uitersten van zocht, hij was een geniale gek, een lieve schoft, creatief in muziek, schilderkunst en poëzie en destructief in zijn leven, pijnlijk eerlijk tegenover de lezers en tegelijk de grootste leugenaar aller tijden tegenover zijn dierbaren. Gul voor vrienden en onbekenden, maar nooit te beroerd om iets uit een winkel te stelen.
Ronald Giphart ben ik nu wel even klaar mee. Ik heb tien boeken van hem gelezen; drie juweeltjes, vier lala boeken (zoals jij dat noemde) en drie waren zonde van het geld en de tijd. Het laatste boek heb ik niet eens uitgelezen, zo vervelend, slepend saai dat ik er bijna bij in slaap viel. Wat pas na een paar boeken begon op te vallen, is zijn mateloze arrogantie. Je telt alleen maar mee als je universitair geschoold bent, daaronder ben je bijvoorbeeld MAVO zwakstroom, en wat daaronder komt, dat wordt niet eens behandeld. Ook zijn er 600.000 Nederlanders die proberen te schrijven, maar zijn er maar 25 die het ook kunnen. Om te mogen schrijven dien je minstens 100 synoniemen te kennen voor ieder denkbaar woord, in minstens vier talen, waaronder minimaal één klassieke taal. Toen ik dat las, moest ik denken aan Youp van ‘t Hek die ooit SBS 6 een campingzender noemde.

Beide heren, en niet alleen zij, zien twee dingen over het hoofd. In de eerste plaats is intelligentie geen verdienste; het is een cadeautje, al weten we niet wie de gulle gever is: de natuur, een schepper of het toeval. In ieder geval is het niet iets om je door verheven te voelen boven het “ordinaire voetvolk”. Spring een gat in de lucht van blijdschap, geef een rondje aan de intellectueel minder bedeelden, maar ga niet naast je schoenen lopen van verwaandheid omdat je bij toeval over een extra goed functionerend stel hersens beschikt.
Maar goed; ze stemmen links en dat is het enige dat telt. Als je links stemt mag je desnoods dertig maal de Balkenendenorm verdienen, en mag je de andere linkse stemmers afzeiken. Rechts gedrag is goed, zolang je je stem maar aan een links georienteerde partij gunt.

Wat nog belangrijker is, is dat het inkomen van die lieden betaald wordt door MAVO zwakstroom, campinggasten en anderen die het essentiële werk doen in de wereld, zonder wie deze hele economie (voor wat die in deze uitvoering dan ook waard mag zijn) niet zou bestaan. Schrijvers en cabaretiers zijn net als  muzikanten, kunstenaars en profsporters franje, prullaria van de maatschappij, meer niet; een luxe die we ons kunnen veroorloven maar die we niet nodig hebben. Ze voegen niets wezenlijks toe aan het bestaan, ze zijn er voor ons genoegen. Ze leven bij onze gratie, onze aalmoezen zijn hun inkomen.
Of leven ze in de veronderstelling dat de maatschappij afhankelijk is van die franje? Stel je eens voor: er breekt een vreselijke ziekte uit die in één dag alle “kwaliteits”entertainers uitroeit. Wat zou er dan veranderen? Niets wezenlijks. De TV programma’s zouden veranderen. Minder Youp van ‘t Hek, Witteman, van Rossum en meer Komt een man bij de dokter zou de zuurtegraad van de programma’s behoorlijk veranderen. Daar kan ik mee leven, graag zelfs. Meer ontspanning en minder ergernis, een droom.

Maar nu het omgekeerde. Stel je eens voor: er breekt een vreselijke ziekte uit die in één dag alle niet-universitair geschoolden uitroeit. Alle boeren, burgers en buitenlui, campinggasten, SBS 6 kijkers, MAVO zwakstroom. Er wordt niet meer geoogst, fabrieken liggen stil, geen stroom meer, geen TV, geen eten, geen drank. Hoe lang zou de intelligentsia dan op eigen kracht stand houden? Maanden, weken of dagen? Het Sterven van de Verlichte Geesten zou onstuitbaar beginnen zodra de door het klootjesvolk gevulde voorraadkasten zijn leeg gegeten.

Misschien zouden Youp, Ronald en hun soortgenoten daar eens aan willen denken als ze onderweg naar Hun Volgende Optreden een MAVO of camping passeren. Ik hoop dat ze dan even uitstappen om dankbaar te knielen voor hun sponsors.

Binnenkort, zeer binnenkort ga ik weer een weekje met vakantie. Niet naar Benidorm, maar naar Gran Canaria, de Canarios zoals jij het noemde.
Het is alweer twaalf jaar geleden dat we daar samen waren, maar van die vakanties herinner ik me nog zóveel. Veel meer dan van de individuele vakanties in Benidorm. Dat komt omdat we samen 25 keer in Benidorm zijn geweest, waardoor al die vakanties in je geheugen in elkaar overvloeien. Er zijn geen grenzen, zeker omdat er dingen waren die we in iedere vakantie herhaalden. Winkelen bij Veracruz en Mercadona, ontbijten bij Les Dunes, biertje drinken bij Cachirul, wijntje drinken bij De Zwarte Kat, wandelen over de boulevard.

Op Gran Canaria zijn we maar twee keer geweest. De eerste keer Maspalomas, de tweede keer Playa del Inglés. Alles wat we daar hebben gedaan was dus uniek en unieke dingen onthoud je beter. Van die twee vakanties weet ik daarom alles nog. Ik zie ons zelfs nog in oktober 2006 op Schiphol in de rij staan voor de incheckbalies. Er stond een enorme rij die begon in de gang tussen hal 2 en 3. We stonden achter twee meisjes en een giechelende jongen, die later onze benedenburen in Miramar werden. Twee dagen later stonden ze bij ons voor de deur want ze hadden een hagedis in de slaapkamer die ze zelf niet durfden te vangen. Ik zie en hoor nog die jongen toen ik dat mini-hagedisje buiten zette. Wijd open gesperde ogen, twee handen tegen zijn wangen: “iiiiiiiiiieeeeeee!” roepend.
Playa del Inglés zelf viel verschrikkelijk tegen. De lelijkste badplaats die we allebei ooit hadden gezien. Geen gezellige boulevard, geen gezellige winkelstraten. Lelystad aan Zee. En dan al die vervelende winkeliers, Oosterlingen die je meteen naar binnen proberen te trekken als maar even vanuit je ooghoek een blik in de etalage werpt. Maar het strand is zo mooi, niet om op te liggen maar om over te wandelen.
Het Chinese restaurant waar we niet weg mochten omdat we de enige klanten waren. We kregen het ene gratis drankje na het andere, bier, wijn, en toen we eindelijk kans hadden gezien om af te rekenen werd een fles Chinese likeur op tafel gezet. Van het huis, “blijf alsjeblieft zitten anders komen er geen andere klanten”, wordt daarmee bedoeld.
In Playa del Inglés maakten we kennis met Rob en Rietje, omdat ze onze buren in Miramar waren. Rob en Rietje, die we daarna steeds weer bij toeval in Benidorm tegen kwamen. Rietje die steeds kostbaarder voor je werd. Het lijkt alsof we ze een eeuwigheid hebben gekend, terwijl Rietje 4 jaar later al overleed. Een jaar daarna hertrouwde Rob en verwaterde het contact. Stomtoevallig kwam ik Rob de laatse keer in Benidorm weer tegen, en wéér zaten we in het zelfde appartementencomplex. We hebben afgesproken contact te houden; ik ben benieuwd.
Ik kan me zelfs herinneren dat ik tijdens een fotosafari werd aangesproken door een vrouw die sprekend leek op Sylvia de Leur. Of ik de weg wist naar Faro. “Welke Faro? Het winkelcentrum of de vuurtoren?” Ze bedoelde de vuurtoren, en vulde dat meteen in potjesengels aan met: “I’m from Paris, oelala, and I live here for 15 years now.” Ze woonde er al 15 jaar, kende de vuurtoren maar wist niet hoe ze daar moest komen?
Die duinen, wat een vreemd gebied. Uniek, niet alleen vanwege de natuur, maar ook om wat daar allemaal gebeurde. Nudisme waren we niet gewend, dus zeker geen naturistengebied van enkele vierkante kilometers. En dan de volgende schok. Opeens krijg je de indruk verdwaald te zijn in een seksfilm, en liggen er mensen voortplantingsoefeningen uit te voeren. Alles went, en na een tijdje begint het zelfs onschuldig te ogen. Net alsof je konijntjes ziet paren, en wat is ook eigenlijk het verschil?

Volgende toeval: jij had een voorkeur voor appartementencomplex Dolores. Dat lag gunstig en had een zwembad op het dak. Maar het was te duur. En nu heb ik daar een studio, bijna voor niets.

Waarom schrijf ik dit allemaal?

Omdat ik je niet los kan laten.

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.vanweezep.info/een-keukentafelbabbel/