Beste Wensen

Geüpdatet 25 december 2018, 14:00 uur

Terwijl ik dit begin te schrijven, start Radio 5 heel toepasselijk “Imagine” van John Lennon. 

Ik wens iedereen het allerbeste toe. Een goede gezondheid, een lang leven, veel geluk, geen zorgen, genoeg geld om leuke dingen te kunnen doen. En vooral veel liefde, want liefde is de brandstof waar je ziel op draait.

Dat zijn de eerste wensen waar je als Nederlander in deze tijd van het jaar aan denkt. Bij de basisbehoeftes voor een goed leven staan we allang niet meer stil. Die hoeven we elkaar in Nederland niet meer toe te wensen; die hebben we al. Voedsel, water, onderdak, een veilige omgeving en vangnetten voor als je bijvoorbeeld ziek, invalide, of ontslagen wordt, zijn voor ons de normaalste zaken.
Ik hoor meteen de reacties al, omdat ik die al eerder als tegenwerping heb mogen ontvangen: ‘Je moest eens weten hoeveel mensen aangewezen zijn op de voedselbank.‘ Ook de voedselbank is zo’n vangnet waar we blij mee moeten zijn. Zelfs voor mensen die door alle reguliere vangnetten zijn heen gezakt, is nog een voorziening getroffen. Wij beseffen helemaal niet meer hoe uniek we daarmee zijn.

Deze zielenpoot heeft nog het “geluk” dat hij in Spanje woont. In Malawi zou hij kreperen.

Het kan ook heel anders. In het grootste deel van de wereld gaat het ook anders. Dus alle minder gelukkigen op de hele wereld wens ik betere tijden toe, met voldoende voedsel, water, onderdak, betere arbeidsomstandigheden, gezondheidszorg, minder geweld, en ook iets meer begrip van ons, verwende westerlingen.

Ik gun iedereen een fijn leven, maar ben geen heilige; er zijn dus grenzen. Ik kan een heleboel door de vingers zien, maar als er structureel op mijn rechterwang wordt gemept, dan keer ik niemand de andere wang toe.
Helaas zijn er dus mensen die ik wèl een lang leven en een goede gezondheid toewens, maar niet al die andere dingen die het leven zo fijn maken. Integendeel, wat mij betreft mag dat hele enge zootje in blokhutten terecht komen, lekker op een rijtje in de prut, waar ze mij met vereende krachten hebben geprobeerd in te krijgen. Het woord haat komt gelukkig in mijn woordenboek niet voor, maar wraakzucht en leedvermaak wel.

Straks is dit heftig tegenspartelende kalf verdeeld in smakelijke hapjes. Daar mogen we best even bij stil staan. Kalfjes en lammetjes zijn baby’s. Baby’s hoor je niet te eten, baby’s hoor je op schoot te nemen en te vertroetelen.

Hun geluk wens ik liever andere beesten toe; alle dieren, in de vrije natuur, in onze door hekken omringde imitatienatuur, waar alleen de door de mens goedgekeurde soorten in worden toegelaten, maar ook dieren die als bezienswaardigheden zijn tentoongesteld in de dierentuinen, troeteldieren in huizen, dieren in kennels, maar vooral die stakkers die geboren zijn in het technische hoogstandje dat we “bio-industrie” noemen, die over enkele dagen, smakelijk bereid en opgediend met garnituur en sauzen, hun bestemming vinden op onze fraai gedekte kersttafels.