Bakkie Doen

Opeens sta je op Station Zwolle een Bakkie te Doen met 2 Syrische vluchtelingen die je vertellen waarom ze uit hun vaderland zijn gevlucht, waarom ze familie, vrienden en een goede baan opgaven, wat voor doodsangsten ze onderweg in hun gammele bootje voelden, maar vooral hoe blij en dankbaar ze zijn dat ze hier een kans krijgen om weer een leven op te bouwen.

Zo’n bakkie kan ik iedereen aanraden; vooral onze geblondeerde volksmenner zou er misschien goed aan doen zich eens te verdiepen in ‘de vijand’. 

Toen ik weer in de trein zat, bedacht ik opeens dat wij onze veiligheid, onze banen te danken hebben aan buitenlanders die ruim 70 jaar geleden hun leven hebben gewaagd, om ons te bevrijden van de Nazi’s. Honderdduizenden geallieerde soldaten hebben hun leven zelfs verloren of zijn verminkt geraakt tijdens de bevrijding van Europa.
Met duizenden tegelijk bestormden ze de stranden van Normandiƫ, en met duizenden tegelijk werden ze neergemaaid. Degenen die de stranden overleefden zetten hun ladders op tegen Pointe du Hoc, die rots waarvan je je niet kunt voorstellen dat mensen die onder die omstandigheden met ladders hebben kunnen beklimmen. Ladders die werden omgeduwd, of waarvan ze ook weer werden afgeschoten. Maar van iedere volgende golf overleefden er meer soldaten, en iedere keer kwamen die weer een stukje verder.
Niemand van die soldaten heeft ooit gezegd: ‘Er worden zoveel misdaden begaan daar in dat Europa. Het zijn allemaal criminelen; laat die maar lekker barsten.’
Integendeel; dat was de tactiek van de vijand die bestreden moest worden. 

Nu hebben wij de kans om ook eens iets te betekenen voor anderen; en wij hoeven onze levens daarvoor niet eens te riskeren, wij hoeven alleen maar een beetje in te schikken, een beetje ruimte te maken. En zelfs dat is voor veel mensen al te veel.

Zouden we ons niet kapot moeten schamen?