4 April 2020

In een paar weken tijd is onze hele wereld ingestort. Op  zaterdag 4 maart, vandaag precies 4 weken geleden was de wereld nog normaal. Corona bestond wel, maar op een veilige afstand, helemaal in China. Pas een paar dagen later werd hier in Nederland officieel het startschot gelost.
Op die vierde dag van maart ben ik nog per trein naar Amsterdam gegaan voor een ferme wandeling. Althans ferm voor mijn doen, met de trein naar Station Amsterdam Zuid, en van daar te voet via het Vondelpark naar de Foodhallen voor een paar foto’s op verzoek, en daarna via een kronkelroute door de Jordaan, over de Dam en de Nieuwmarkt naar de Korte Koningsdwarsstraat om jeugdherinneringen op te halen, en als afsluiting via de Wallen naar het Centraal Station. Bijna negen kilometer in net iets minder dan vijf uur. Een heerlijke dag slenteren, zoals ik dat iedere week had willen doen. Maar daar komt voorlopig niet veel van terecht, vrees ik. Mag niet van Rutte.

Van de Wallen is helaas niet veel meer over. Het karakter is eruit. Het aantal rode lampen neemt zienderogen af. Dat is jammer, een uniek gebied wordt na eeuwen langzaam afgebroken tot een, ja wat eigenlijk? Zal het een Jordaan kloon worden? Een yuppenwijk? Bestaan yuppen nog wel?
Ik kan iedere oudere een wandeling over de Wallen van harte aanbevelen. Niet vanwege de voor de hand liggende redenen. Het idee te moeten betalen voor seks stuit me niet tegen de borst, integendeel. Stel je voor dat ik een brandende begeerte zou voelen, dan zou ik die eerder stillen bij een vrouw die je binnen een paar uur weer vergeten is, dan het risico te nemen verstrikt te raken in een relatie. Want daar moet ik niet meer denken. Dat ligt achter me; nu wil ik me troosten door dingen te doen waar ik ‘vroeger’ niet aan toe ben gekomen. En dat is niet te combineren met een relatie. Een goede relatie is een full time job.

Wat de Wallen zo uniek maakt, is dat je daar helemaal jezelf mag zijn. Zolang je geen moord of mishandeling op je verlanglijst hebt staan. Nergens anders mag dat. Op iedere andere plek moet je je houden aan de protocollen die je door de beschaving worden opgelegd. Op de Wallen kun je wildvreemde vrouwen voorstellen doen waarvoor je op andere plekken binnen 5 minuten op het politiebureau zou belanden. Er is voor elk wat wils, dus het hoeft niet eens per se een vrouw te zijn, er zijn gelegenheden genoeg voor alle gezindten en geaardheden. Zelfs Chicks with Dicks zitten er vrolijk in hun aquarium naar je te lonken en zijn zelfs niet te beroerd om hun rokje op te tillen om je hun wapen, al dan niet in staat van paraatheid, te tonen.

Natuurlijk zitten ze daar voor de poen, en zijn er zat vrouwen zat die proberen je, met pseudo-opwindende poses en blikken, naar binnen te krijgen.
Maar wat een wandeling over de Wallen voor een man van mijn leeftijd zo leuk maakt, is dat er ook ‘gewone’ vrouwen tussen zitten. Reken maar dat die  meiden soms een lastig leven hebben, met klieren van kerels, dronken, vervelend, agressief of beledigend. En dan loop jij langs, een zeventiger van wie ze geen problemen kunnen verwachten. Dan verandert de houding van zo’n vrouw op slag. Je ziet ze gewoon denken: ‘Een normaal mens, alsjeblieft kom binnen.’ Ze worden zichzelf. Als je dan vriendelijk nee schudt met je hoofd, komt het zelfs voor dat je even vriendelijk wordt nagewuifd.
Met zo’n vrouw zou ik dolgraag eens een praatje willen maken. Geen zedenpreek over waarom ze dat werk doet of waarom ze niet uit dat leven stapt, gewoon een uurtje lekker kletsen over alles dat maar boven komt, zoals je ook praat met vrienden.
Ik heb geen morele bezwaren tegen het beroep. Ze voorzien in een behoefte, en sommige zullen er gewoon plezier in hebben.
Natuurlijk voeren wij, als rechtgeaarde Nederlanders, direct het argument aan dat er ‘zoveel misbruik heerst op de Wallen’. Ik denk dat dat misbruik aardig is terug gedrongen. Het misbruik zal ook zeker niet minder worden als prostitutie de illegaliteit in wordt gejaagd, integendeel. En als incidenteel misbruik een reden moet zijn om een hele bedrijfstak te verbieden, dan zijn er heel wat agrarische sectoren die dan ook, met dat zelfde argument, zouden moeten worden verboden.

Toen ik zover was, besloot ik eens op Facebook een bezoekje af te leggen bij mijn familie, om precies te zijn bij mijn ex-gezinsleden. Waarom ik dat deed, weet ik niet eens. Ik hoef mezelf ook niet altijd te begrijpen.
Veel plezier lijkt er nog steeds niet in ze te steken. Ze staan samen op een foto in Schiedam naar het Stadhuis te kijken. Het Stadhuis is niet zichtbaar, want daar staat de fotograaf met zijn rug naartoe. Drie vrouwen, blijkbaar tijdens een dagje uit. Ze doen hun best om enthousiast te kijken, maar zonder al te veel succes. Slap en futloos, zou Coby zeggen, met bleke gezichten en ‘tijdloze’ kleding waar bij de aankoop niet al te veel energie in is gestoken. Het zijn slachtoffers, dat zie je zo, maar waarvan? 

De oudste blijkt te werken in ‘mijn’ ziekenhuis. Hoe is het mogelijk dat ik haar daar nooit tegen het lijf ben gelopen? Ik ben er heel wat keren geweest in de afgelopen jaren, in beide vestigingen. Zo groot zijn die vestigingen niet, en ik heb de meeste afdelingen wel een keer bezocht. Niet altijd voor mezelf, ook vaak als gezelschap of bezoeker van vrienden.
Maar goed, ik zal haar ongetwijfeld een keer tegen het lijf lopen en ik ben erg benieuwd wat er dan gebeurt. Ik heb heel wat vergelijkbare ontmoetingen gehad en veel variatie is er niet in het verloop, zoals ik kort geleden al eens heb geschreven, ‘net doen of ik niets zie’, of ‘iets onverstaanbaars krijsen en hard weg rennen’.

Ze is begaan met dieren. Daar heb ik in principe respect voor. Dieren verdienen een menselijke behandeling. Maar dat verdienen mensen ook. Iemand die wèl lief is voor beesten, maar die mensen als beesten behandelt, deugt niet. Voor zo’n mens is dierenliefde een soort boetedoening, een excuus om mensen beestachtig te mogen behandelen. Een soort Aflaat zoals die vroeger in de Rooms-Katholieke kerken te koop was als boetedoening voor zonden. Een manier om via de achterdeur toch de Hemel in te sluipen. Valsheid in geschrifte.
Er is meer dat ik niet helemaal begrijp. En dan kom ik weer terug op de roemruchte belediging ‘je dronk niet, je zoop.’ Gelul van een dronken aardbei, zinloos trappen onder een denkbeeldige gordel, maar je moet toch iets doen om de schijn op te houden dat je een argument hebt.
Schijn is tegenwoordig het enige dat nog belangrijk is. Als je een meningsverschil hebt, dan praat je niet meer met de tegenpartij, nee, dan ga je ronselen in je eigen omgeving, zieltjes winnen. Het gelijk zelf is totaal niet meer belangrijk. Als je vriendenkring de indruk maar heeft dat je gelijk hebt. De problemen komen pas als je dan opeens oog in oog komt te staan met de tegenpartij. Dan krijs je maar iets, en slaat daarna op de vlucht. Getuigen zijn er niet dus in je eigen vertrouwde omgeving kun je iedere gewenste uitleg geven die in je opkomt. Desnoods voor iedereen een andere uitleg.

Waar was ik? O ja, wat ik niet begrijp is dat àls ze zo’n moeite heeft met mensen die in haar visie te veel drinken, en àls ze zo’n fanatieke beschermer is van alles dat leeft, waarom heeft ze dan een Afgod uitgekozen met wie vergeleken mijn ‘drankgebruik’ in het niets verzinkt; iemand die zuipt als een ketter, rookt als een schoorsteen, en vreet als het varken waar hij steeds meer gelijkenis mee begint te vertonen. Ik schat hem ruwweg, hang me niet op aan 10 kg meer of minder, op een netto gewicht van 160 tot 180 kg.

Terug naar de verhaallijn. Als je even meeweegt dat dat varken met zijn leugens en bedrog haar moeder met zijn domme bemoeizucht heeft beroofd van een prettige alimentatie, en dat dat zelfde figuur heeft geprobeerd mij financieel en geestelijk kapot te maken, en mij met grove leugens door het slijk heeft gehaald, dan begrijp ik in ieder geval wèl waarom ze in de laatste ‘discussie’ niet verder kwam dan ‘daar wil ik niet over praten’. Iedereen mag alles flikken, madam vindt alles best zolang er maar geen beesten het slachtoffer van worden, maar als ik dan na jaren lang treiteren, lasteren, en belachelijke ‘procedures, me een keer afreageer op mijn weblog, nou zeg schandalig, dáár moet over worden gepraat. Of moet ik het positief zien? Ze komt alleen op voor beesten, en bij die doelgroep hoor ik niet?
Er valt niet over te praten, want wie de logica van zo’n houding weet goed te praten, komt in aanmerking voor een Nobelprijs. Al kan ik zo gauw niet bedenken welke. Niet die voor de vrede, dàt staat vast.
Misschien heeft ze zich beroepshalve over hem ontfermd. Dat zou een hoop verklaren. Uit een reactie op een door haar geplaatste foto kan ik in ieder geval maar één conclusie trekken; en dat is dat de combinatie van drank, rook, vreten, en God weet wat voor troep hij nog meer naar binnen werkt, een behoorlijke schade in zijn boordcomputer heeft veroorzaakt. Het was zoiets als: “Wat eetbaar naast?” Wat er ook allemaal in zijn bovenkamer ontploft mag zijn, als het onderwerp voedsel ter sprake komt, dan is hij meteen weer bij de les. Althans, er komt een reactie, al was ik niet de enige die er geen touw aan kon vastknopen.

Ik heb zelf in mijn domein de noodtoestand uitgeroepen. Ik blijf thuis. Tenzij de boel afbrandt ben ik de deur niet uit te krijgen. Ik heb te veel ellende meegemaakt. Daar is nu eindelijk een eind aan gekomen en dat wil ik niet verpesten door het vaantje te strijken door die corona. Wat ik nodig heb, bestel ik online. Ik laat het vóór de deur zetten, en maak alles schoon met alcohol-doekjes voordat ik het naar binnen draag.
Garanties zijn er niet, maar ik kan het risico wel zo klein mogelijk houden. Zelf vermoed ik dat dit zal duren tot na de zomer. Weer een verloren jaar dus, maar beter een verloren jaar dan een verloren leven. En uiteindelijk went alles. Ik heb geen hekel aan alleen zijn, en ik heb genoeg contact met anderen via WhatsApp, email en telefoon, dus eenzaam voel ik me niet.
Vervelen hoef ik me ook niet, want er is in huis genoeg te doen. Schrijven, spelen met eten, poetsen, plannen bedenken voor de bovenverdieping, en als die plannen eindelijk stabiel zijn, ze dan ook nog uitvoeren.

Stiekem ben ik nu blij met die online maatschappij waar ik eigenlijk zo’n gruwelijke hekel aan heb. Maar zodra de wereld weer normaal functioneert, dan mogen al die webshops weer sluiten van me. Ik weet het, het is hypocriet, maar mag ik ook een keer?